Vrijwel alle jonge Vietnamezen verdwijnen uit de beschermde opvang

Vietnamese minderjarigen vertrekken in Nederland met onbekende bestemming uit de beschermde opvang. Onderzoekers zien signalen van mensenhandel en -smokkel.

De herdenking van een slachtoffer van het koeltruckdrama in Vietnam
De herdenking van een slachtoffer van het koeltruckdrama in Vietnam.

Om de beschermde opvang voor minderjarigen in het zuiden van het land staat een hek. ‘Niet om ze hier op te sluiten’, zegt een medewerker, ‘maar het stond er al, en weghalen was duurder.’

Het is het enige teken van buitenaf dat de jonge asielzoekers die hier zitten goed in de gaten worden gehouden. Hier, in 2 bakstenen gebouwen tussen de glooiende heuvels, verblijven minderjarigen die het risico lopen om slachtoffer te worden van mensenhandel of eerwraak – of dat al zijn.

Medewerkers mogen daarom alleen anoniem hun verhaal doen en niets mag herleidbaar worden opgeschreven. De doelgroep is kwetsbaar, de mensen zijn vindbaar. ‘We kunnen infiltranten binnenkrijgen. Hoe meer informatie we geven, hoe meer risico we lopen’, aldus de manager.

Binnen is de sfeer huiselijk: in de ruime woonkamer staat een oranje bank met uitzicht op een tv ‘die meestal aanstaat’. Zelfgemaakte schilderijen, een letterbord, met daarop de woorden ‘sjonge jonge jonge’, ‘slaap lekker’ en ‘hoi hoi’ en in de hoek staan twee computers, zonder internet – gamen mag alleen offline.

Dit is een van de 2 beschermde opvanglocaties (BO) in Nederland van waaruit Vietnamese minderjarige asielzoekers verdwijnen. Ruim negentig tussen 2015 en 2019. Dat is 97 procent van het totale aantal Vietnamese minderjarigen in Nederland, zo blijkt uit een concept van nog ongepubliceerd onderzoek van het Expertisecentrum Mensenhandel en Mensensmokkel (EMM), ingezien door NRC. De kinderen willen door naar het Verenigd Koninkrijk waar vaak familie woont en waar ze illegaal werk kunnen doen.

Drama in Essex

Het onderzoek werd vorig jaar ingesteld door toenmalig staatssecretaris Mark Harbers (Migratie, VVD), nadat radioprogramma Argos had onthuld dat tientallen Vietnamese kinderen waren verdwenen uit de beschermde opvang. 2 Vietnamese jongeren die vorig jaar uit de Nederlandse beschermde opvang verdwenen, kwamen om het leven bij het drama in het Britse Essex eind oktober, waarbij 39 migranten dood werden aangetroffen in een koeltruck. Dat bevestigt een woordvoerder van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) aan NRC. Tot nu toe was van 1 van hen bekend uit de beschermde opvang te zijn verdwenen.

De afgelopen 10 jaar liepen ruim 2.500 kinderen weg uit asielzoekerscentra in Nederland, een fractie uit de beschermde opvang. Alleenreizende minderjarige asielzoekers krijgen in Nederland een voogd toegewezen en hebben recht op onderdak, onderwijs en zorg, ook als ze uiteindelijk niet in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning. In de beschermde opvang gelden ‘beschermende maatregelen’. De jongeren krijgen geen telefoon, geen eigen geld, worden begeleid als ze naar school gaan. De boodschap, zegt de medewerker: ‘De deur is open, maar we willen niet dat de jongeren weglopen.’

Gebrek aan expertise en tijd

Uit het rapport van EMM blijkt dat opsporingsinstanties weinig grip hebben op de verdwijningen van de Vietnamese kinderen. Er zijn vaak aanwijzingen voor mensenhandel of mensensmokkel. Medewerkers van de beschermde opvang hebben vaak het ‘sterke vermoeden’ dat de jongeren vertrekken ‘onder druk van mensenhandelaren en/of -smokkelaren’. Toch wordt een deel van de opsporingsonderzoeken afgekapt door gebrek aan expertise, tijd of prioriteit terwijl de kinderen in een uitbuitingssituatie zitten.

Dat komt mede doordat er geen centraal informatiepunt is, blijkt uit het rapport. De marechaussee, de politie, Immigratie- en Naturalistatiedienst (IND) en de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid registreren Vietnamese minderjarigen allemaal op een andere manier. Een scherp beeld van de groep ontbreekt daardoor. En niet iedere vermissing krijgt dezelfde ‘urgentie’, volgens het EMM. De politie gaat niet altijd langs bij de beschermde opvang als een kind is weggelopen. ‘Hierdoor bestaat het gevaar dat een vermissing niet tijdig de juiste aandacht krijgt.’

Ook volgen betrokken organisaties niet altijd het ‘vermissingsprotocol’ dat moet bijdragen aan het voorkomen en oplossen van vermissingen. Dat bleek al in 2006 uit onderzoek van documentatiecentrum WODC van het ministerie van Justitie en Veiligheid. Medewerkers wisten niet precies wat de werkwijze was bij een verdwijning. Pas recent is het protocol ‘geactualiseerd’, meldde staatssecretaris Ankie Broekers-Knol (Migratie, VVD) vorige maand aan de Tweede Kamer.

Vietnamezen in hennepkwekerij

Een ander probleem: vermoedens van georganiseerde mensenhandelnetwerken zijn in de praktijk moeilijk te bewijzen. Zo registreerde de politie, volgens het EMM, zestien incidenten waarbij (minderjarige) Vietnamezen werden aangetroffen in hennepkwekerijen. Hoewel daarover ‘interessante informatie’ beschikbaar is, ‘wordt er niet verder in geïnvesteerd of gekeken naar mogelijke grotere (samenwerkings-)verbanden’.

En: misstanden in nagelsalons duiken ook regelmatig op in opsporingsverzoeken van de Inspectie SZW. Vietnamezen komen daar vooral in beeld ‘met betrekking tot mensensmokkel, witwassen en valsheid in geschrifte.’ Maar dat leidt vrijwel nooit tot een veroordeling. Veel onderzoeken werden vroegtijdig gestaakt ‘omdat het te omvangrijk was voor het team dat het onderzoek draaide’ of de prioriteit lag elders.

Ruim een derde van de Vietnamese kinderen vliegt naar Nederland en reist op valse documenten, blijkt uit het EMM-onderzoek. Doordat de kinderen na aankomst dagen in de ‘transitzone’ rondhangen voordat ze zich kenbaar maken, zijn hun vluchtgegevens gewist en is het voor de marechaussee praktisch onmogelijk hun reisroute te achterhalen.

Met kleren aan slapen

Medewerkers zien de jongeren vertrekken, terwijl ze ernaast staan. Ze rapporteren onbekende personen die in auto’s voor de opvang wachten. Gesloopte kozijnen. Gesneuvelde ramen. Vooraf zijn er vaak signalen: er heerst onrust, jongeren lopen met jassen en kleren aan en slapen erin. ‘Vaak kleden zij zich anders en veranderen hun haardracht’, aldus het rapport. Hoewel de opvanglocaties verschillende maatregelen hebben genomen om verdwijning tegen te gaan, ‘verdwijnen nog steeds alle Vietnamese vreemdelingen die in de beschermde opvang aankomen.’ Een woordvoerder van COA: ‘Zolang het open centra zijn, kunnen ze niks doen.’

De helft van hen verdwijnt binnen 2 weken, volgens het EMM. Soms overleggen ze met elkaar en maken ze handgebaren, ‘vliegende vleugels’, naar elkaar ten teken dat ze gaan vertrekken. Soms laten ze gevouwen zwaantjes, bootjes of kraanvogels achter voor vertrek, volgens het EMM – een teken van afscheid in de Vietnamese cultuur. – NRC Handelsblad [23.03.2020]