Close

1 augustus 1998

Tussenstop in Hué

Een lokale touroperator heeft maar liefst 5 computers op rij staan. Hij organiseert tours, maar hier kunnen ook e-mails worden verzonden.

Het bedrijfje is relatief onbekend, maar ik heb er een neus voor. Het is jammer dat de ergonomische werkomstandigheden hier allerbelabberdst zijn. Ik zit op een ongemakkelijke klapstoel, met het keyboard op een uitschuifbaar plankje. Zo’n Ikea computerkastje, maar dan afgestemd op Vietnamese maten. Om snel en geconcentreerd te schrijven heb ik een blikje Red Bull gehaald; eens zien of er gevleugelde woorden op het scherm willen verschijnen …

De treinreis naar Hué verliep voorspoedig, op wat kanttekeningen van enkele paxen na. De groep binnen de groep is nadrukkelijk aanwezig wanneer het gaat om het uitdelen van plaatsen en dergelijke. Tot grote ergernis van de anderen. Zo hadden wij allen softsleepers (in plaats van de beloofde hardsleepers), maar het clubje voordelijke haantjes had al wel de coupés met 4 bedden ingenomen. Ik deelde met de anderen de coupé met 6 bedden. Gelukkig gaf de prijs enigszins het verschil aan; de beste bedden kostten het meest, zodat de prijs in ieder geval rechtvaardig was.

Nog altijd hebben sommigen te kampen met gezondheidsproblemen. Willem heeft bijzonder veel last van zijn rug. Het is een soort hernia. In de door kuilen denderende bus, in de kleine roeibootjes en in de schommelende trein ontstaat telkens opnieuw pijn die hij ‘eruit moet lopen’. Zijn vrouw, Ronnie, heeft last van haar luchtwegen; ontstoken holtes, hoesten en daarmee soms niet kunnen stoppen (wat bovendien nog ’s pijnlijk is). De airco in onze bussen doen haar geen goed. Om de pijn te onderdrukken had Willem Bep Moi gekocht, sterke drank uit rijst gestookt. Ik kreeg 3 ferme glazen van hem en de rest van de reis heb ik als een roos geslapen, zonder 1x te ontwaken. Willem daarentegen had slechts 3 uur (van de 12 uur durende reis) geslapen. Goeie poeier, die ‘Beppy Nooy’, zoals Willem het gemakshalve noemde.

De xich lo’s die ik per fax had besteld voor de transfer van ga Hué naar het hotel werden niet geleverd. In plaats daarvan gingen wij per gekoelde coaster naar het hotel. Het hotel nam alle klachten weg: schone, ruime kamers in een riant hotel nabij de Verboden Stad, voor slechts 15 dollar per 2-persoonskamer.

Ik moet de paxen te vaak teleurstellen naar mijn zin. Het staat in de brochure vaak zo mooi beschreven, maar in de praktijk is niet alles zo eenvoudig te realiseren. Zo blijkt het bezoek aan het Bac Ma-reservaat een te zware opgave. Het klinkt natuurlijk wel leuk: ‘bezoek een onontdekt natuurreservaat, met een prachtig uitzicht op de top!’ Maar als je daar in de praktijk 20 kilometer voor moet lopen in de zinderende hitte, krijg je alle opgekropte woede van de paxen over je heen. Als je de wandeling zelf al hebt weten te overleven. Die excursie laat ik dus niet doorgaan, met vermelding van de reden uiteraard.

Interesse voor een alternatief was er niet. Tot nog toe hebben wij nogal gejakkerd, dus een paar dagen in eigen tempo indelen wordt op prijs gesteld. Ook door mij, want na het doen van de administratie so far (gisterenmiddag) heb ik even mijn handen vrij. Zo was het mogelijk om alvast treinkaartjes voor het traject Hué-Danang te kopen: 4 uur, hardseat, 45.000 dong. Aanstaande zondag om 06.00 uur vertrekken wij. Wat ik in de tussentijd in Hué ga doen weet ik nog niet. Eigenlijk is het te heet om verantwoord iets te ondernemen, 38 graden. In de vroege ochtend en na het vallen van de avond is de temperatuur enigszins te verdragen, maar midden op de dag heb je na het zetten van 2 stappen een natte rug.

Er lopen hier kleine katjes (meo) rond die een nieuw tehuis zeer zouden verwelkomen, maar je krijgt ze de grens natuurlijk niet over. Daarnaast is het maar de vraag of deze schuwe, verwaarloosde diertjes ooit nog aan een huiselijk leventje kunnen wennen. Nog meer dierenleed: 3 aapjes aan een boom vastgebonden in de tuin van het hotel. Zenuwachtig klimmen zij van tak naar volgende tak en weer terug. Zij zien er voddig uit, met een doffe vacht en schurftige huid. Waarom die dieren worden houden is mij een raadsel. Als je er niets voor voelt – op z’n minst interesse in dieren – waarom houd je die dieren dan als huisdier?

Wonder boven wonder wordt de ruimte waarin ik werk niet gekoeld. Het is weer zo’n bekende open gevel winkel, een garage als het ware, met 2 fans. Deze hoge temperatuur, gecombineerd met de hoge luchtvochtigheid kan toch niet goed zijn voor de computers? Daarnaast is het niet lekker werken met een natte rug en plakkerige vingers op het keyboard. Ik ben echter al lang blij dat ik kan schrijven en e-mail ontvangen. Hoop ik … ik zal straks eens informeren of ik hier inderdaad berichten kan ontvangen. Ik moet het kantoor van Hanoeman nog op de hoogte stellen over de voortgang van mijn reis. Dat willen zij nu eenmaal graag.

Hué, i aug. ’98

Volgens mij snapt het personeel nog niet veel van de software dat het in huis heeft. Ik stelde een heel eenvoudige vraag: is er een reply voor mij binnengekomen? Nou, er werden wat programma’s geopend en weer snel gesloten, maar zij konden konden niets vinden.

Gisterenavond werd ik wat ongeduldig. Wat kan het reislijderschap zuigen! Ga ik speciaal op de veranda van het hotel zitten om bereikbaar te zijn voor de paxen, maakt niemand een praatje met mij … Aanvankelijk zat ik samen met de groep binnen de groep en probeerde ik een gesprek op gang te helpen. Nou, het zijn een stelletje dooien bij elkaar. Er komt niets fatsoenlijks uit. Telkens probeerde ik een andere opening, een ander onderwerp, maar ik kreeg geen contact. En dan mij voor de voeten werpen dat ik hen niet genoeg bij de reis betrek; dat ik ze ‘in onzekerheid’ laat, dat zij er te laat achter komen wat wij de volgende dag gaan doen.

Inmiddels kan ik met een gerust hart zeggen dat het niet aan mij ligt; ik doe mijn best, maar krijg geen respons. Zij ‘doen’ Vietnam uit de boeken. Zij lezen iets over een bepaalde plaats en gaan vervolgens bij dat item op bezoek. Het zijn feitencontroleurs, voor spontaniteit is geen ruimte, zelf op onderzoek uitgaan is er niet bij. Zij hebben wat gelezen, zien iets dat er op lijkt en stellen hardop vast dat zij dat en dat zien. Zij stellen geen vragen (aan de omringende Vietnamezen) als ‘Wat is dat, waarom doen jullie dat?’ Zij weten het al – denken zij – want zij hebben er al over gelezen. Zij lijken gezellig en sociaal, maar dat is uiterlijke schijn. In werkelijkheid zijn zij zelfingenomen en niet in anderen geïnteresseerd.

Het beroep van reislijder vergt veel energie en doorzettingsvermogen. Aanvankelijk lijkt het leuk, maar uiteindelijk komt het er op neer dat je er binnen de groep alleen voor staat. Het lijkt een sociaal beroep, maar in feite is het vooral een eenzaam beroep. En als er dan iets fout gaat in de groep, ben je als reislijder de gebeten hond. Dan is er geen collega in de buurt bij wie je de stress kwijt kunt. Je kunt hooguit een dagboek bijhouden …

Vanochtend werd ik door de manager van het Thanh Noi hotel gebeld. Hij nodigde mij en de paxen uit om vanavond gratis in het hotel te komen eten. Waarschijnlijk een tactisch onderdeel van zijn public relations … Wij reizen verder naar het Zuiden: 16 x mond-tot-mond reclame is veel effectiever dan welke advertentie ook. En eerlijk is eerlijk, het is een prettig hotel, met erg koele kamers. De 1e nacht werd ik zelfs wakker doordat mijn voeten verkleumd waren. Ik heb er mijn handdoek als deken overheen gelegd en een T-shirt aangetrokken.

Morgen reizen wij weer verder. Om 06.00 uur zitten wij in de trein naar Danang. Daar bezoeken wij het Cham museum, om daarna met 2 minibussen naar Hoi An door te rijden.